zondag 23 oktober 2011

Deet, uw dagelijkse huidverzorging met heerlijk parfum!

Parce que je le vaux bien. Ja, beste Sandra-in-Mali-volgers, ik blijf nog steeds naarstig Deet (tegen de muggen) smeren. Het wordt een dagelijks ritueel. Na hier nu al meer dan een maand in Mali te verblijven, beginnen sommige routines in ons dagelijks leven binnen te sluipen. Zo kunnen we bijvoorbeeld bij Sara spreken van, zoals ze het zelf noemt, haar dagelijks “trapkakse”. Indien u wil weten wat ze daarmee bedoelt: gelieve een mail te sturen naar sara.schroe@yahoo.fr
Vandaag zijn we Bamako-city weer even onveilig gaan maken. Eerst weer een kleine 3 kwartier te voet tot aan de controlepost van Yirimadio om aldaar de Sotrama te nemen. Deze keer hielden we halt in “Amandine”, dat is net voor de brug om Bamako binnen te rijden. Aldaar namen we een kijkje in de Westerse winkel “Azar Libre Service”. Hier hebben ik en Sara even ons hartje opgehaald. Al het lekkers en vertrouwde dat onze ogen daar te zien kregen, was eigenlijk te goed en te veel. Daaraan merkte ik wel hoe verwend wij als Westerlingen zijn. Ik schaamde me ook wel een beetje. Soms word je hier met je beide voeten op de grond gezet.
Ik in de sotrama op weg naar Bamako

In deze winkel waren ik en Sara bij de rayon van de côte d’or chocolade aan het overleggen of we de chocolade wel zouden meenemen, aangezien het meteen zou smelten. We besloten om het maar niet te doen, en dat deed na een maand zonder chocolade toch wel een beetje pijn, maar ach er zijn ergere dingen. Plots werden we aangesproken op de volgende manier: “Zijn jullie ook Vlamingen?” Het was Sven, een Vlaming die samen met zijn vrouw en zijn kind sinds februari van vorig jaar in Bamako verblijft. Zij kreeg namelijk een post aangeboden bij de VN (Verenigde Naties). Hij werkt sinds september bij een Malinees bedrijf dat onder andere Diago water bottelt. We wisselden meteen gsm-nummers uit en tegelijk nodigden ze ons uit voor een “Vlaamse avond”. Deze zal waarschijnlijk binnen twee weekends plaats vinden. Ze hebben namelijk nog al kennis gemaakt met andere Vlamingen hier; blijkbaar trekken we elkaar aan. Het voelde wel goed om zo eens Vlamingen tegen het lijf te lopen, en zo onverwachts ook. Als er al iets zou bestaan zoals het lot, dan is dit wel het mooie ervan!

Na onze rugzakken goed, doch bescheiden, te hebben gevuld, namen we opnieuw de sotrama tot in Raidda vlak aan de kathedraal van Bamako. Onder een boom namen we even halt om te eten en te drinken. We werden er aangesproken door de zoveelste verkoper. Eerst kwam hij langs met mooie beschilderde doeken, nadien met juwelen. Sara heeft enkele juweeltjes gekocht. Ik kon nog net aan de verleiding weerstaan, al had ik wel zin om een tas te kopen. Deze was gemaakt van Malinees katoen, één van de voornaamste exportproducten van Mali. De aankoop werd gedaan met het gebruikelijke spelletje van afbieden, al gaf Sara toe dat ze er niet zo goed in was. Ik zei haar dat ze moest volharden in de boosheid. Ze heeft nu 6 juweeltjes voor 10 000 CFA gekocht, ongeveer 15 euro, wat in principe een koopje is. Volgens de regels van de kunst had het echter beter gekund: eerst vraag je de prijs aan de verkoper, deze was 15 000 CFA. Dan ga jij tot 2/3 onder de prijs, dat is 5 000 CFA. Nadien zou hij moeten opbieden tot de helft, in dit geval 7 500 CFA. Als de verkoper hier boven gaat, zou je het moeten afslaan. Volgende keer beter dus!
Links: Malinese verkoper, rechts: Sara, Belgische koper

Speciaal voor Lutgarde en andere juwelenliefhebbers!

Op onze terugweg, terug al stappend van de controlepost in Yirimadio naar onze verblijfplaats in Nyamana, hoorden we zoals gewoonlijk constant “toebaboe, toebaboe!” oftwel “de blanken, de blanken.” Het zijn vaak kindjes die van op afstand naar ons zwaaien.

Vrijdag hebben we de derde week van het schooljaar afgerond. We zijn eergisteren ook voor het eerst (zonder de zusters )’s avonds buiten het domein van de school geweest. Er stond namelijk een bezoekje aan Theo op het programma. Aldaar hielden we gezellige gesprekken op zijn dakterras vergezeld van een kampvuur en een heerlijk glaasje rode “Don Simon” wijn. We werden er ingelijfd in de Togolese cultuur aan de hand van twee muziekinstrumentjes. Theo is immers oorspronkelijk van Togo, een buurland van Mali. Verder maakten we ook plannen om elke vrijdagavond lessen Bambara te volgen bij Sidonie, de vrouw van Théo. Hiervoor moeten we eerst echter nog de toestemming vragen aan de zusters. Ook de aankoop van een djembé staat op het programma één van de komende weken. Daarnaast zullen we sommige zaterdagavonden ook samen met Théo en Pascale, een Togolese vriend die bij hem inwoont sinds 3 oktober, naar Bamako gaan om wat Malinese cultuur op te snuiven: theater, Afrikaanse dans, concerten … Dit ook steeds na toestemming van de zusters. Theo vertelde me ook dat al wie naar Mali wil komen altijd bij hem mag overnachten in hun “chambre d’amis”. Allen hier welkom, dus. We zijn trouwens nog steeds op zoek naar een vervanger voor Sara, die in maart vertrekt. Indien je iemand zou kennen die graag vrijwilligerswerk wil doen in Mali van februari 2012 tot en met juni 2012, stuur dan als de bliksem een mail naar vanbellesandra@yahoo.fr.  Ik wacht geduldig op een maatje.

Het schoolleven begint stilaan zijn vorm te krijgen. ’s Morgens voer ik nog steeds administratieve taken uit: klassenlijsten op punt zetten, leerkrachten voorzien van het nodige didactische materiaal … Mijn werk op het secretariaat wordt vergezeld van katholieke gezangen, gezongen door Marie Louise, de secretaresse. Daarnaast hoor ik af en toe kinderstemmetjes uit het eerste jaartje weerklinken. Zij oefenen in het uitspreken van klinkers, medeklinkers en woordjes. Een kleine schriftelijke demonstratie: Leerkracht zegt: “A”, Leerlingen zeggen in koor: “A”, Leerkracht zegt: “O”, Leerlingen zeggen in koor: “O”, Leerkracht zegt: “un ananas”, Leerlingen zeggen in koor: “un ananas” … In het begin was dit wel grappig, omdat het in heel de school weerklinkt. Nu is het al de normaalste zaak van de wereld geworden.

Verder sta ik de eerste twee uren van de voormiddag ook in voor het “vervangen” van zieke leerkrachten. Vervangen wel degelijk tussen grote aanhalingstekens, want ik schrijf gewoon hun lesvoorbereiding over op bord. Voor de leerkrachten onder ons: geen onderwijsleergesprek, geen doceren, maar eerder een nieuwe werkvorm “overschrijfles”. Zelfs de leerlingen vroegen me of de les niet werd uitgelegd. Ik antwoordde dat biologie niet het vak was dat ik gestudeerd had, en dat het aan de leerkracht zou zijn om het uit te leggen als hij opnieuw zou genezen zijn. Geen ideale situatie dus. In Mali is het, in vergelijking met België, niet even gemakkelijk om een vervanger te zoeken. Al kan dit soms in België zelfs al voor problemen zorgen. De leerkracht is gelukkig weer gezond en wel terug op school.

Elke woensdagnamiddag heb ik surveillance bij de 9de jaars, de oudsten hier op school (ongeveer 15 jaar), die dan een soort van examen afleggen. De eerste week was het dictee. Toen deed ik het toezicht samen met Marie Louise, de secretaresse. Vorige week was het rédaction. De leerlingen dienden een brief te schrijven, waarbij ze uit 3 verschillende onderwerpen konden kiezen. Deze keer stond ik alleen in voor het toezicht. En wonderwel heb ik ze in toom kunnen houden!

Deze week heb ik bij mijn 7de jaars de eerste toets informatica afgelegd! Sommigen hadden helemaal niets geleerd, anderen daarentegen hadden goed hun best gedaan. Globaal gezien echter waren de resultaten teleurstellend. Ik zal hen daar ook op wijzen dinsdag en vrijdag wanneer ik respectievelijk het 7de jaar B en 7de jaar A heb. En ik zal mijn goed hart eens bovenhalen ook. De week erna mogen ze hetzelfde stukje nog eens opnieuw leren en zal ik hen nog een toetsje op 5 punten geven, zodat de meesten hopelijk hun buis ophalen. De meesten zeg ik wel, want bij sommige leerlingen zal dit niet meer mogelijk zijn, aangezien ze 1 op 15 hadden. Zo zie je maar, leerlingen zijn over de grenzen heen dezelfde: sommigen leren, anderen vegen er hun voeten aan.

Informaticalokaal: elke computer wordt met een doek tegen het stof beschermd.
Hier in Mali ontdek ik soms al eens dingen waar ik het niet mee eens ben. Zo zeggen de leerlingen in de klas constant “moi monsieur”, “moi madame”, “moi, moi, moi” … wanneer ze willen antwoorden op een vraag die de leerkracht gesteld heeft. Soms knippen ze ook met hun vingers. En zoals ze dat dan in het Frans zo mooi zeggen: “J’ai horreur de ça!” Dus, vanaf mijn eerste informaticales heb ik de leerlingen hier attent op gemaakt dat dit niet echt mooi is. De meeste leerlingen hebben het vrijwel direct begrepen, want ik duid de leerlingen die dit nog doen gewoon niet meer aan. Zo leren ze het af. Met dit laatste wil ik illustreren dat ik niet louter naar hier ben gekomen om hun kennis te vergroten, maar ook om hen iets van mijn waarden mee te geven. Ik hoop dat ik in beide zal slagen.


Vorig weekend hebben we, net zoals dit weekend, enkele culturele ontdekkingen gedaan. Zaterdag zijn we ook naar Bamako geweest. Daar heb ik enkele postkaarten, enveloppen en postzegels gekocht om af en toe eens een leuke brief naar mijn lief te sturen. Zo een echte brief heeft toch iets meer dan een mailtje of een smsje, hé?! Een toevallige voorbijganger, Abdramane, heeft ons zowat een kleine rondleiding gegeven in Bamako. Hij geeft ook gegidste boottochten op de Niger, wat we misschien wel nog eens zullen doen. Hij heeft ons ook meegenomen naar een soort van culturele markt met kunst van over heel Mali. We hebben zelfs even gesproken met Toearegs, een stam uit Timboektoe. De moeite waard! Nadien nam Abdramane ons mee naar Maison des jeunes. Aldaar kregen we een korte demonstratie van het maken van traditionele Malinese kledij: le Bogolan. De stoffen worden gedrenkt in gekleurd water en nadien met Argile beschilderd, dit is een soort slijk dat uit de Niger wordt gehaald.

Bootje op een zijriviertje van de Niger
Bamako: Het majestueuze gebouw van de Malinese Nationale bank -
Nog maar eens een bewijs van de grote kloof tussen rijk en arm in Mali

Op de cultuurmarkt: Ik en Dra spelen een traditioneel Malinees spel "Wali" dat eeuwen geleden werd uitgevonden.
Op de cultuurmarkt: Vrouw verwerkt katoen, één van de belangrijkste Malinese exportproducten
Algemeen overzicht van de cultuurmarkt in Bamako

Speciaal voor mijn broer Bart en alle andere plantenliefhebbers:
één van de vele typische plantenmarkten in Bamako en omstreken.
Maison des jeunes in Bamako:
Vervaardiging van Bogolan, traditionele Malinese kledij.
Maison des jeunes:
Djembe-demonstratie
Vorige week zondag zijn we naar de mis geweest hier bij de zusters. Het was deze keer niet in de kapel, maar in de polyvalente zaal, aangezien er een kindje gedoopt werd. De dooppeter was de baas van het Malinese leger, een groot persoon dus. Hij nodigde ons na de eucharistieviering allemaal uit op het doopfeest. Hierop aarzelden we wel even omdat we deze gastvrijheid als Westerlingen niet gewoon zijn. Theo vertelde ons dat we geen gêne moesten hebben. In Mali is dat nu eenmaal zo; je hebt geen invitatiekaart nodig. Op het doopfeest kwamen we zelfs twee “collega’s” tegen, Fidèle en Hubert. Zij hebben ons geleerd hoe je met de handen eet; echt op zijn Afrikaans dus! Ook heb ik voor het eerst sinds mijn aankomst in Nyamana een biertje gedronken. Het bier was van het merk Flag en was een plaatselijk, Malinees product. Hoewel wij als Belgen wel wat meer gewoon zijn, moet ik zeggen dat het best wel te smaken viel. Na het doopfeest kropen ik en Sara elk bij een leerkracht op de brommer en werden we thuis bij de zusters afgezet. De eerste keer van mijn leven op een brommer, en dan nog wel in Afrika…

Zo, weer even een relaas van een paar dagen! Het is hier trouwens nog steeds lekker warm (33°C overdag, 23°C ’s nachts). Weet dat ik aan jullie denk! Vous êtes tous et toutes dans mes pensées!

Malinese zoen!

dinsdag 11 oktober 2011

De padvinders

I ni oula! Oftewel goede avond!

Zaterdag 8 oktober 2011 kregen we Sr. Auxilia op bezoek. Zij is de zogenoemde provinciale, de grote baas van de Salesiaanse zusters van West-Afrika. Ze blijft hier tot morgen. Met haar bezoek was de maaltijd iets feestelijker. Ook kregen we naast water ook frisdrank als dorstlesser. We kregen vandaag van haar een mooie rozenkrans. Op het kruisje stond Alpha en Omega. Zuster Margo had me uitgelegd wat dit wou zeggen: “Jesus a dit: “Je suis Alpha et Omega, le début et la fin.” ; donc il est tout. Elke week is er wel iemand op bezoek die mee dineert en/of blijft overnachten, wat de gastvrijheid van de zusters benadrukt. Het is ook fijn om steeds nieuwe gezichten te zien. Zo ook als we op pad gaan.

Ik en Sara, aka de padvinders. We hebben namelijk vorige zondag, 9 oktober 2011, opnieuw het pad gevonden naar het campement de Kangaba. Zonder kaart weliswaar, maar op goed geluk af en met behulp van onze vrouwelijke intuïtie. Onderweg kwamen we enkele plaatselijke bewoners tegen. “I ni sogoma” (goeiedag) zeiden we telkens wanneer we iemand begroetten, waarop ze een ganse parlé begonnen in Bambara, waar we uiteraard helemaal (nog) niets van verstonden. En het moet gezegd, het was heerlijk om na een zes dagen durende werkweek even wat verfrissing te vinden in het zwembad van een toch wel paradijselijk oord. Onze zwemslagen werden uitgevoerd op het ritme van Afrikaanse en Latijns-Amerikaanse muziek die zachtjes door de luidsprekers galmde.

’s Middags at ik een heerlijke “omelette campagnarde” met salade en brood. Ook  een sprankelende Sprite kon ik me niet laten. Wat  vorige week al opviel en deze week opnieuw werd bevestigd, is het feit dat het campement enkel wordt bezocht door toeristen en expats met kinderen, die hun vrije dagen hier komen doorbrengen.

's Avonds op pad
Padvinders, op een andere manier. Enkele dagen geleden werden we namelijk naar onze slaapplaats geleid door een tiental padden en kikkers. De ene pad achter de andere sprong weg voor onze voeten. En dan werden we ook nog opgeschrikt door een salamander op ons plafond. Met emmer en borstel heb ik hem proberen de weg naar buiten te wijzen. Dit was echter niet zo eenvoudig, aangezien de salamander niet gaat, naar waar je het wenst. Ook hagedissen kan je hier bewonderen. Van ander eerder klein ongedierte, zoals muggen en vliegen, heb ik voorlopig geen last meer: deet is een efficiënt middel!
Hagedis aan de foyer
Vandaag heb ik nog 2 uur les gegeven aan leerlingen van het eerste middelbaar. Volgende week heb ik al een test voorzien, om te kijken wat voor vlees ik in de kuip heb. Zo kan ik beter inspelen op de noden van de leerlingen. Zoals in België heb je ook hier leerlingen die intelligenter en/of vaker antwoorden dan andere leerlingen. Soms betrappen ze me ook op een schrijffout op het bord, wat ik uiteraard super vind, want zo leer ik zelf ook bij. Soms kan je dag geslaagd zijn door kleine, eenvoudige dingen. Neem nu gisteren. Tijdens de “assistance”, dit is het toezicht op de speelplaats, hebben enkele leerlingen voor mij de nationale hymne van Mali op een blad geschreven. Deze wordt namelijk elke ochtend gezongen bij het hijsen van de vlag. Voortaan zal ik ze ook kunnen meezingen, althans proberen. Le voilà l’hymne nationale du Mali “Pour l’Afrique et pour toi Mali”:

A ton appel Mali
Pour ta prospérité
Fidèle à ton destin
Nous serons tous unis
Un peuple, un but, une foi
Pour une Afrique unie
Si l’ennemie découvre son front
Au-dedans ou au-dehors
Debout sur les remparts
Nous sommes résolus de mourir


Pour l’Afrique et pour toi Mali
Notre drapeau sera liberté
Pour l’Afrique et pour toi Mali
Notre combat sera unité
O Mali d’aujourd’hui
O Mali de demain
Les champs fleurissent d’espérance
Les cœurs vibrent de confiance.
Ik heb ook even wat opzoekwerk verricht en blijkbaar zijn er nog meer strofes, maar ‘s morgens zingen we slechts de 1ste strofe en het refrein (met de hand op het hart, zoals een echte fiere Malinees het betaamt).


Junior, leerling uit 2de jaar A

Tijdens de "assistance" (toezicht speelplaats)


Nog iets anders wat me vandaag deugd deed, was een meisje van de foyer die me bij het naar bovengaan riep dat ik even moest wachten (“Sandra, attends, attends”). Ze wou me haar foto’s van haar doopsel van vorig jaar laten zien. Ik mocht even delen in haar vreugde die ze toen had beleefd. Ze was duidelijk nog aan het genieten en was fier om me de foto’s te laten zien. Op het moment van haar doopsel was ze 14 jaar.

Zo, dit gezegd zijnde, ga ik mijn pad in Mali verder en eindig ik graag nog met een mooi citaat.



"Pourquoi mesurer la difficulté de demain? Prends chaque jour simplement le travail qui t’es demandé. L’amour dont tu auras besoin demain te sera donné."
           P. Marie Eugène de l’Enfant Jésus

donderdag 6 oktober 2011

Er is voor alles een eerste keer ...

Dat heb ik de laatste dagen wel mogen ondervinden. Vul zelf maar in, in welke mate je de volgende gebeurtenissen zelf als positief of negatief zou ervaren.

22 september 2011: jour de l’indépendence.
Volgens Théo, een vriend van Katrien (vrijwilligster die hier enkele jaren geleden ook was en trouwens nog elke zomer terugkeert), is het niet jour de l’indépendence, maar nog altijd jour de la dépendence (de la France). Hij heeft ons die dag meegenomen naar Bamako, de hoofdstad van Mali. We zijn enkele van zijn vrienden Rastafari gaan bezoeken. Met één van hen heb ik een lang gesprek gehad over Mali. Hij vertelde me dat Frankrijk nog altijd een sterke invloed heeft op wat er in Mali gebeurt. Een voorbeeld hiervan: veel Malinezen gaan werken en studeren in het buitenland. Dat is, even tussen haakjes, ook de reden waarom we als blanke hier niet echt scheef bekeken worden; Malinezen reizen zelf veel en staan er dan ook voor open dat anderen dit ook doen. Om verder te gaan: het geld dat deze Malinezen vanuit het buitenland opsturen naar Mali is 3 x groter dan de som die de Franse overheid onder leiding van Sarkozy aan subsidies aan Mali geeft. Ja, je hebt het goed gelezen, 3 maal zo groot. In Mali heerst er ook een sterke vriendjespolitiek. De huidige president, Amadou Toumani Touré, is afkomstig uit Mopti, een stad hier vrij ver vandaan. Als je als Malinees ook van daar afkomstig bent, heb je al een serieus streepje voor op de andere Malinezen: meer kans op werk … Indien de president na democratische verkiezingen verandert, dan zal deze rangorde ook mee veranderen.
Malinees + brommer
= onafscheidelijk
De Niger
Fietsers in Bamako
"N'aies pas peur" is de boodschap!










Verkoop van aarden potten langs de weg
Typisch beeld van de vrouw in de straat

We hebben die dag ook kennis gemaakt met “les transports en commun du Mali” (het openbaar vervoer in Mali). Na een korte wandeling van Théo’s huis (op ongeveer 1 km van de school) tot aan de “Route de Ségou” (te vergelijken met een provinciale baan), namen we een moto-taxi. Deze zijn blauw. Hiervoor betaalden we 100 Cfa per persoon. Als je weet wat de wisselkoers is (1 EUR = 655 Cfa), betaal je echt weinig. Even verder aan de “poste de controle” (soort douane waar we de grens Niamana – Bamako oversteken) stapten we over op een Sotrama. Dit zijn groene camionetten, en hét typische openbaar vervoersmiddel van Mali bij uitstek. Aangekomen in Bamako, in de wijk Raidda, betaalden we de “apprenti” (leerjongen) elk 200 Cfa. Deze leerjongen moedigt mensen aan om met hun Sotrama mee te rijden. Je moet weten dat er zo duizenden Sotrama’s in de stad rondrijden. Er heerst dus een felle concurrentiestrijd. Telkens wanneer je in of uit een Sotrama wil stappen, doe je gewoon teken met de hand aan de apprenti, hij klopt dan met zijn hand op de Sotrama en zo weet de Sotramabestuurder wanneer hij moet stoppen en starten.

Parking voor sotrama's
Een naar Malinese normen nog sober geladen sotrama

Ik had Théo ook verteld dat ik de “curé” van de kathedraal van Bamako kende via een nonkel en een tante van mama. Hij noemt père (priester) Timothée en is in contact gekomen met onze familie zoveel jaren geleden via Nonkel Richard. Dit is een missionaris en een broer van tante Alice, de vrouw van peter Jef (de dooppeter van mama). En peter Jef is de broer van mijn meter Gislena (de mama van ons mama). Dit om even de familiale stamboom te schetsen. Hopelijk zijn jullie nog mee. Théo stelde me voor om meteen bij hem op bezoek te gaan. Wanneer Théo aanklopte aan de deur van Timothée was hij niet zo opgezet met zijn bezoek, maar toen Théo vertelde dat er een Belgische voor hem aan de deur stond, vroeg hij direct: “C’est Sandra?” Daarop liet hij ons meteen binnen en verwelkomde hij ons in zijn bureau met Coca Cola, Fanta, water, melk. Bij hem aan de muur hing ook een foto van Nonkel Richard. We vertelden over de familie en hij vertelde me ook dat hij dit jaar normaal gezien nog op bezoek zou gaan bij de zusters in Opwijk . Aan het einde van ons gesprek vroeg ik of ik een kleine foto van hem en mij mocht nemen (zie foto blog). Nadien stelde hij ons voor aan een Brusselse priester die ook naast de kathedraal van Bamako verbleef.





Ik en Abbé Timothée


Kathedraal Bamako


Zoals de titel van mijn tweede blogbericht zegt, is er voor alles een eerste keer. Zo ook voor het voelen van de eerste Malinese regendruppels op een blanke huid. Die kwamen er ’s avonds, op de dag van de onafhankelijkheid. We zaten bij Theo en zijn gezin (zijn vrouw Sidonie en zijn twee kinderen Marie en Diddi)  toen er plots een hevige wind opstak, gevolgd door een regenbui van wel 1 uur lang. Alle ramen en deuren werden gesloten en alles wat maar kon wegwaaien, werd binnen gezet. We maakten het gezellig met kaarslicht.

Toen ik die avond thuiskwam kon ik ook zien dat mijn blanke huid toch wel wat rood was geworden van de Afrikaanse zon. Ik had me nochtans ingesmeerd met factor 50, maar de zon is onverbiddelijk op plaatsen waar je toch vergeet te smeren, mijn nek in dit geval.

De volgende dag heb ik ook een eerste elektriciteitspanne meegemaakt. Een korte weliswaar maar het was er één. Op school en bij de zusters zijn ze hierop voorzien. Een klein voorbeeld: elke computer is verbonden met een externe batterij, zodat wanneer er een elektriciteitpanne is, de computer niet meteen uitvalt. Ook de vriezer, de koelkast … zijn voorzien van zo’n extra batterij. Deze batterijen bleken vandaag, 6 oktober, toch niet zo efficiënt te zijn. De elektriciteit was namelijk weer uitgevallen, maar de computer viel toch uit ondanks de extra voeding door de batterij.

De avond waarop de eerste elektriciteitspanne plaatsvond, was de avond waarop we ook de eerste verjaardag in Afrika hebben gevierd. Het was namelijk de verjaardag van Sr Bernadette, de zuster van Malinese origine. Er was cake en frisdrank, en de kaarsjes werden allemaal mooi uitgeblazen. Hoe oud ze is geworden, weten we niet. In Mali is het namelijk verboden om iemands leeftijd te vragen als die persoon vermoedelijk ouder is dan jou. Ook het oudste dochtertje van Theo, Marie, was die dag jarig en werd 5 jaar.


Van links naar rechts: zr Margo, zr Carinne, zr Bernadette, zr Lydie, zr Rosanna, zr Jackie, Sara
Skypen met het thuisfront is ondertussen ook al meermaals gebeurd. De eerste keer had ik mama, Bart en meter Gislena aan de lijn. De verbinding was, boven alle verwachtingen, vrij goed. Toch heb ik de laatste tijd al wat problemen mogen ondervinden, maar ach ja, dit is Afrika. Ik heb die dag ook voor de eerste keer op mijn klarinet en mijn blokfluit gespeeld.
En dan was er die ene zondag 25 september 2011… net op de verjaardag van mijn mama: de eerste keer ziek in Mali. Maar met de goede hulp van de zusters en dokter Haïdara Aboubacar kwam ik er na drie dagen stilaan terug bovenop. Heden ten dage voel ik me terug kiplekker en even gezond als toen ik hier toegekomen ben op 18 september! Sara vertelde me dat wanneer je reis slecht is begonnen, dat het dan altijd een superreis wordt; in dit geval dan een “reis” van negen maanden.

29 en 30 september was het onthaaldag voor “le 1er et 2ième cycle”. Le 1er cycle komt overeen met het 1ste tot en met het 6de leerjaar bij ons. Le 2ième cycle komt overeen met het 1ste tot en met het 3de middelbaar bij ons. Ook de meisjes van de foyer zijn 29 september aangekomen. Ze zijn met 27. Om  hen wat beter te leren kennen hebben we op 30 september kennismakingsspelletjes gespeeld.

Foyer: huiswerkbegeleiding

Foyer: huiswerkbegeleiding
Foyer: Bénédicte, Arsiké, Josephine en Oumou bereiden de maaltijd
Foyer: kennismakingsspelletjes op de eerste dag
Foyer: Jennyfer
Foyer: Gisèle
Ik en enkele meisjes van de foyer bij de eerste kennismaking
Ik word letterlijk op handen gedragen door de meisjes van de foyer!
Jennyfer en Jackeline leren me een Afrikaans spelletje
Foyer: ik en Sara bij de meisjes
Foyer: Rachelle en Adeline
 Zondag is steeds onze vrije dag. Dan hebben we tijd om uit te rusten en/of eropuit te trekken. Op zondag 2 oktober hebben ik en Sara een staptocht ondernomen richting “Campement de KANGABA”. Dit is een oase van rust op een klein uurtje stappen van de plaats waar we verblijven bij de zusters. Het is de ideale plaats voor mensen die houden van wat meer luxe. Je hebt er namelijk een zwembad, badmintonterreinen, toeristisch winkeltje … Je kan er zelfs djembélessen volgen of een tochtje met de kano ondernemen. Toeristen kunnen er ook overnachten, en de bar en het restaurant zijn beschikbaar voor iedereen die meer geld heeft dan de gemiddelde Malinese bewoner. Het contrast met de geuren en de drukte van Bamako is enorm.
Onderweg kom je wel eens rare figuren tegen: een skelet van een koe of ...

... jolende kindjes die "Babu" (= de blanken) roepen!

Campement de KANGABA
Lekker relaxen...
... en nadien een heerlijke duik in het water.

Deze week is het schooljaar dan officieel gestart. We hebben nu ook eindelijk onze lessenrooster gekregen (zie foto). Elke voormiddag zit ik steeds 2 uur op het secretariaat om wat administratieve taken te vervullen. Na de speeltijd sta ik soms leerkrachten bij om hun taak wat te verlichten. Klassen van 40 of 50 leerlingen zijn hier immers eerder regel dan uitzondering. Op dinsdag- en vrijdagnamiddag geef ik informaticales aan het 7de jaar, telkens 2 uurtjes. Ik heb dinsdag mijn eerste lessen gegeven en dat veel echt goed mee. De leerlingen hebben respect voor hun leerkracht als je hen respect teruggeeft! Op woensdagnamiddag moet ik toezicht houden bij de 9de jaars. Aangezien zij de oudste zijn op school dienen ze zich voor te bereiden op moeilijkere eindexamens. Op donderdagnamiddag zit ik de ene week in de bibliotheek en de andere week begeleid ik mee de culturele activiteiten. In de foyer (het internaat) moeten ik en Sara ook helpen bij het begeleiden van het huiswerk van de meisjes. Dit is telkens na avondmaal (rond 19u30) tot ongeveer 21u30. Maandagavond hebben ik en Sara samen de foyer. Elke woensdagavond sta ik samen met zuster Bernadette in voor de huiswerkbegeleiding. En om de veertien dagen donderdagavond doe ik samen met zuster Jacky de foyer. Op zaterdagnamiddag van 15u tot 17u30 is het telkens speelpleinwerking. Dit begint pas eind oktober. Dus ik vermoed dat we onze zaterdagen nu nog even vrij hebben. Behalve de voormiddag dan, want die is voorzien om te kuisen in onze kamer, badkamer en studio.
Lessenrooster + werkschema
Informaticaklas - voor Tom: zie bovenaan voor de ventilator, zo eentje hebben we ook in onze kamer
Ook een airco zoals wij thuis hebben is aanwezig, voor in het droogseizoen

Gisteren heb ik pasfoto’s laten trekken en hebben we ons visum verlengd. Dit werd vandaag door zuster Margo opgehaald aan het consulaat. We werden door haar trouwens vandaag verrast tijdens de speeltijd (recréation) met gefrituurde banaantjes. Lekkerrrr.. Ook mijn vliegtuigticket werd gisteren zonder problemen verlengd. Jullie kunnen me terug thuis verwachten op maandag 2 juli 2012. Ik kom aan in Zaventem om 5u25. In Bamako vertrek ik op zondag 1 juli omstreeks 21u30.

Gisteren hebben we nog enkele culturele ontdekkingen gedaan. Het was me al opgevallen dat er langs de kant van de weg in Bamako veel moeders met tweelingen zaten te bedelen. Dit is volgens de traditie in Mali. Deze  mensen zijn daarom niet per se arm, maar de traditie wil dat families met tweelingen bedelen. Ook werden onze autoruiten weer eens ongewild gewassen door kuiswillige jongetjes.

Op de eerste schooldag kregen we ook hoogbezoek, namelijk van de Malinese minister van onderwijs. Dit en nog veel meer kunnen jullie zien op de foto’s bij dit blogbericht. En nog een mooie quote om mee te eindigen: “Soyez toujours dan la joie!”

Federaal minister van Onderwijs van Mali met zuster Rosanna
Ook de Malinese pers was voltallig aanwezig!
Federaal minister van Onderwijs van Mali


Tot de volgende! Afrikaanse groetjes!